Praesens: wie doet wat, nu?
Een Latijns werkwoord zegt zelf wie het doet. De uitgang -ō, -s, -t, -mus, -tis, -nt vervangt ik, jij, hij, wij, jullie, zij. Vier vervoegingen en esse.
Je kunt hier meteen beginnen: je hebt geen voorkennis nodig.
Waarom
In een Latijnse tekst staat alleen Vocāmus. Geen wij, geen namen. Wie roept er dan?
In het Latijn heb je geen apart woordje nodig voor ik of wij. Het einde van het werkwoord zegt het al: vocāmus, wij roepen. Een Romein schreef het onderwerp er alleen bij als het nodig of belangrijk was.
Daarom is het werkwoord vaak de sleutel van de zin. Wie de persoonsuitgangen kent, weet meteen wie er handelt, ook in een zin van één woord. En met dezelfde uitgangen bouw je later ook de andere tijden.
Kaft Plus wordt geopend…
Kaft Plus
De rest van „Praesens: wie doet wat, nu?” zit in Kaft Plus
De leerlijn en de eerste 3 onderwerpen van Zuil zijn gratis. Met Kaft Plus open je alle onderwerpen en oefeningen.
Al Kaft Plus? Dezelfde knop meldt je aan en brengt je meteen terug.