Derde declinatie: de verborgen stam
Bij rēx, mīles en corpus verbergt de nominativus de stam. De genitivus op -is toont hem: rēg-is. Daarna volgen vaste uitgangen.
Waarom
Je ziet rēgem in een tekst en zoekt in je woordenlijst bij rēg-. Niets. Hoe vind je het woord?
Bij de derde declinatie lijkt de nominativus vaak niet op de andere vormen. Rēx wordt rēgis, mīles wordt mīlitis, corpus wordt corporis. Wie alleen de nominativus kent, herkent de andere vormen niet.
Daarom leer je altijd de genitivus mee. Die toont de echte stam, en vanaf daar gaat alles volgens één vaste rij uitgangen. Zo vind je rēgem terug bij rēx, de koning, en mīlitēs bij mīles, de soldaat. Veel woorden uit de wereld van Rome horen hierbij: koning, soldaat, vader, stad, schip.
Zie het
Kies rēx, mīles, corpus of cīvis. De nominativus verbergt de stam, de genitivus onthult hem: de stam licht op, en dan klikken de uitgangen eraan vast.
Beschrijving van het beeld
Bovenaan vier knoppen: rex, miles, corpus en civis. Bij rex staat eerst groot de nominativus rex, met de stam half verborgen achter een gordijn. Daarnaast schuift de genitivus regis in beeld; de letters reg lichten op als stam en de uitgang is krijgt een eigen kleur. Daarna verschijnt een tabel waarin de stam reg telkens terugkomt met de uitgangen van de derde declinatie: regi, regem, rege, en in het meervoud reges, regum, regibus. Bij miles verschijnt de stam milit, bij corpus de stam corpor, met nominativus en accusativus gelijk en een meervoud op a. Bij civis is de stam civ en eindigt de genitivus meervoud op ium.
Snap het
Bij de derde declinatie is de nominativus enkelvoud een buitenbeentje. Soms is er een letter bijgekomen of weggevallen: rēx is eigenlijk rēg-s, mīles hoort bij mīlit-. De genitivus enkelvoud, altijd op -is, toont de echte stam.
Haal -is van de genitivus en je hebt de stam: rēg-is geeft rēg-, corpor-is geeft corpor-. Achter die stam komen de uitgangen: -is, -ī, -em, -e in het enkelvoud, en -ēs, -um, -ibus, -ēs, -ibus in het meervoud.
Onzijdige woorden zoals corpus, nōmen en tempus volgen dezelfde regel als in de tweede declinatie: nominativus en accusativus zijn gelijk, en het meervoud eindigt op -a: corpora, nōmina.
Een groep woorden heeft -ium in de genitivus meervoud: de i-stammen, zoals cīvis (cīvium), urbs (urbium) en nāvis (nāvium). Je woordenlijst vermeldt dat.
Stam = genitivus min -is. Enkelvoud: nominativus apart, dan -is, -ī, -em, -e. Meervoud: -ēs, -um, -ibus, -ēs, -ibus. Onzijdig: nominativus = accusativus, meervoud -a. i-stammen: genitivus meervoud -ium.
Voorbeelden
rēx, rēgis
De genitivus toont de stam rēg-: koning.
rēgem
Accusativus enkelvoud: de koning als lijdend voorwerp.
mīlitēs
Nominativus of accusativus meervoud van mīles: de soldaten.
corpora
Onzijdig meervoud van corpus: de lichamen.
cīvium
i-stam: genitivus meervoud van cīvis, van de burgers.
patribus
Dativus of ablativus meervoud van pater: aan of door de vaders.
Uitgewerkt voorbeeld
Maak de dativus enkelvoud van mīles, mīlitis (m.).
De genitivus mīlitis eindigt op -is: derde declinatie.
Haal -is weg: de stam is mīlit-.
De dativus enkelvoud is -ī: mīlit + ī.
- Antwoord
mīlitī
Doe het
Kies een niveau. Je krijgt telkens een nieuwe opgave, die meteen nagekeken wordt.
Valkuilen
Fout: De accusativus van rēx is rēxem.
De uitgang komt achter de stam, niet achter de nominativus. De stam haal je uit de genitivus rēgis.
Juist: rēgem
Fout: Corpus is tweede declinatie, het eindigt toch op -us.
Kijk naar de genitivus: corporis eindigt op -is. Het is een onzijdig woord van de derde declinatie.
Juist: corpus, corporis (o.), meervoud corpora.
Fout: Rēgēs is altijd onderwerp.
In de derde declinatie zijn nominativus en accusativus meervoud allebei -ēs. De zin beslist.
Juist: Mīlitēs rēgēs vident: kijk naar het werkwoord en de betekenis om te weten wie wie ziet.
In het echt
- Uit de stam, niet uit de nominativus, komen onze woorden: corpor- in corporatie, nōmin- in nomineren, tempor- in temporeel.
- Corpus is ook een woord in het Nederlands: het lichaam van een tekst, of een tekstverzameling voor onderzoek.
- Het meervoud tempora staat in de bekende spreuk O tempora, o mōrēs, wat een klacht is over de tijden en de zeden.
Geschiedenis
De spreuk O tempora, o mōrēs staat in de redevoeringen van Cicero tegen Catilina. Daar klaagt Cicero over zijn eigen tijd.
Aan tafel
Speel Stamdetective. Een ouder noemt een Nederlands woord zoals militair, corporatie of nomineren. Het kind zoekt de Latijnse stam erin (mīlit-, corpor-, nōmin-) en zegt het Latijnse woord in de nominativus. Een juiste stam is een punt, het juiste woord nog een.
Iets om samen te doen of over te praten, voor ouders en kinderen. Fouten mogen.