Eerste en tweede declinatie: rosa en dominus
De meeste woorden op -a volgen rosa, die op -us, -er en -um volgen dominus, puer en templum. Stam plus uitgang geeft elke naamval, enkelvoud en meervoud.
Waarom
In je woordenlijst staat silva, silvae (v.) en amīcus, amīcī (m.). Waarom twee vormen, en wat doe je ermee?
Die twee vormen zijn een sleutel. De genitivus toont de stam en de groep: silv- hoort bij de eerste declinatie, amīc- bij de tweede. Met die stam en één rij uitgangen maak je zelf alle tien de vormen.
Zo hoef je niet elk woord apart te leren. Ken je rosa en dominus uit je hoofd, dan buig je honderden woorden: puella, via, servus, equus. En je herkent ze in elke tekst, ook als ze in het meervoud of in de dativus staan.
Zie het
Kies rosa, dominus, puer, ager of templum. Een stamblok en een uitgangsblok klikken samen tot elke naamval, in het enkelvoud en het meervoud, met het geslacht erbij.
Beschrijving van het beeld
Bovenaan vijf knoppen met de woorden rosa, dominus, puer, ager en templum, en een label met het geslacht: v voor rosa, m voor dominus, puer en ager, o voor templum. Daaronder een tabel met twee kolommen, enkelvoud en meervoud, en een rij per naamval van nominativus tot ablativus. In elk vak schuift een grijs stamblok, zoals ros of domin, tegen een gekleurd uitgangsblok, zoals am of orum. Bij rosa zie je rosa, rosae, rosae, rosam, rosa met lange a en in het meervoud rosae, rosarum, rosis, rosas, rosis. Bij puer blijft de e in de stam: pueri. Bij ager valt ze weg: agri. Bij templum zijn de nominativus en de accusativus gelijk, en het meervoud eindigt op a.
Snap het
Een woord buigen doe je zo: neem de genitivus enkelvoud, haal de uitgang weg en je hebt de stam. Ros-ae geeft ros-, domin-ī geeft domin-. Achter die stam plak je de uitgangen van de juiste declinatie.
De eerste declinatie heeft een genitivus op -ae. Bijna alle woorden zijn vrouwelijk (rosa, puella, via), maar een paar beroepen zijn mannelijk: agricola (boer) en nauta (zeeman).
De tweede declinatie heeft een genitivus op -ī. Mannelijke woorden eindigen op -us (dominus) of -er (puer, ager). Kijk bij -er naar de genitivus: puerī houdt de e, agrī verliest ze.
Onzijdige woorden op -um (templum, dōnum) volgen de tweede declinatie met één eigen regel: nominativus en accusativus zijn altijd gelijk, en in het meervoud eindigen ze allebei op -a: templa.
Stam = genitivus min uitgang. Eerste declinatie: -a, -ae, -ae, -am, -ā; meervoud -ae, -ārum, -īs, -ās, -īs. Tweede: -us, -ī, -ō, -um, -ō; meervoud -ī, -ōrum, -īs, -ōs, -īs. Onzijdig: nominativus = accusativus, meervoud -a.
Voorbeelden
rosārum
Genitivus meervoud van rosa: van de rozen.
dominō
Dativus of ablativus enkelvoud van dominus: aan de heer, of door de heer.
puerī
Bij puer blijft de e: genitivus enkelvoud of nominativus meervoud.
agrōs
Bij ager valt de e weg: agrōs, de akkers als lijdend voorwerp.
templa
Onzijdig meervoud: de tempels, als onderwerp of als lijdend voorwerp.
agricolae
Eerste declinatie, toch mannelijk: agricola is de boer.
Uitgewerkt voorbeeld
Maak de accusativus meervoud van servus, servī (m.).
De genitivus servī eindigt op -ī: tweede declinatie, en de stam is serv-.
Servus is mannelijk, dus de accusativus meervoud is -ōs.
Stam plus uitgang: serv + ōs.
- Antwoord
servōs
Doe het
Kies een niveau. Je krijgt telkens een nieuwe opgave, die meteen nagekeken wordt.
Valkuilen
Fout: Agricola is vrouwelijk, want het eindigt op -a.
De uitgang zegt de declinatie, niet het geslacht. Een boer is een man.
Juist: agricola, agricolae (m.): eerste declinatie, mannelijk.
Fout: De genitivus van ager is agerī.
Bij woorden op -er toont de genitivus of de e blijft. In je woordenlijst staat ager, agrī.
Juist: agrī, en zo verder: agrō, agrum, agrōs.
Fout: Templum is altijd een onderwerp, want het lijkt op de nominativus.
Bij onzijdige woorden zijn nominativus en accusativus gelijk. De zin beslist.
Juist: Puer templum videt: templum is hier lijdend voorwerp.
In het echt
- Latijnse meervouden leven verder in het Nederlands: museum en musea, datum en data, curriculum en curricula.
- Op het etiket in het tuincentrum staat Latijn: Rosa canina is de hondsroos, met dezelfde rosa als in je tabel.
- Het woord agenda is een onzijdig meervoud: letterlijk de dingen die gedaan moeten worden.
Aan tafel
Speel Stam en staart. Een ouder noemt een woord met zijn genitivus, zoals equus, equī. Het kind zegt de stam en tikt een naamval aan; samen maken jullie de vorm. Wie drie vormen na elkaar juist heeft, mag het volgende woord kiezen.
Iets om samen te doen of over te praten, voor ouders en kinderen. Fouten mogen.